|
Na zijn vertrek uit Soft
Machine in 1971 richt drummer/zanger Robert Wyatt Matching
Mole op. Zijn vertrek komt niet helemaal onverwacht;
Robert's zang is zowel live als op platen van Soft Machine
steeds minder te horen en na Third is het zelfs afgelopen.
Soft Machine gaat ook steeds meer de jazzkant op en laat de
rock voor wat het is. De stukken worden langer en complexer.
Robert voelt zich zowel als persoon en als drummer niet meer
thuis in zijn eigen band. In april lopen de spanningen zo
hoog op dat hij verzucht dat hij liever in een andere band
zou spelen. Reden voor de andere drie om hem uit de groep
zetten. Het gaat niet op een prettige manier en Robert
heeft er jaren later nog last van. Wellicht kiest hij daarom
voor de nieuwe groepsnaam: Matching Mole. De naam is een
Engelse verbastering van het Franse Machine Molle
(feitelijk: weke machine) dat staat voor Soft Machine.
Matching Mole bestaat maar één jaar, maar
maakt in die periode twee platen. Het geluid is jazzier dan
je zou verwachten, met veel ruimte voor improvisaties en is
vooral lichtvoetiger dan Soft Machine.
|

Robert, Dave,
Bill, Phil |
De eerste lp
heet eenvoudig Matching Mole. De opnames vinden
plaats in december 1971 en januari 1972. In eerste instantie
is het een soloproject, maar gedurende de opnamen raken de
diverse muzikanten steeds meer in een soort groepsproces. De
groep bestaat uit David Sinclair (piano, orgel); Phil Miller
(gitaar), Bill MacCormick (bas) en Robert zelf (mellotron,
piano, drums, stem). Speciale gast is Dave McCrae op
elektrische piano. Een van de tracks heet Dedicated to
Hugh but you weren't listening. Het is een misschien wat
cynische bewerking van Dedicated to you but you weren't
listening; een oud Soft Machine nummer geschreven door
Hugh Hopper.
Na het verschijnen van de plaat toert de groep door
Europa. Aan het eind van de toer verlaat David de groep en
wordt vervangen door Dave.
Er vindt opnieuw een toer plaats, maar nu veel uitgebreider.
Door de vele concerten raken de muzikanten steeds meer op
elkaar ingespeeld en wordt de structuur losser en daardoor
experimenteler.
Gedurende de zomer van 1972 wordt de tweede plaat opgenomen:
Little Red Record. Dit keer is de speciale gast niemand
minder dan Brian Eno. De plaats wordt geproduceerd door een
ander fenomenaal muzikant: Robert Fripp (van King Crimson). |
Het is
een broeierige plaat, vol Fender Rhodes pianosolo's en
Robert's stem die in zijn teksten vele seksuele toespelingen
maakt. Daarnaast is er een prachtig gezongen nummer met
akoestische gitaar : God Song. Vrij snel nadat
de plaat op de markt is geeft Robert aan niet meer de leider
van de groep te willen of kunnen zijn en heft de Mole op om
vervolgens een succesvolle solocarrière te beginnen. In 1994
verschijnt in een serie cd's van BBC-opnamen een concertje
(27 minuten) van Matching Mole uit juli 1972. Kort, maar
zeker de moeite waard.
In 2001 én 2002 komen er via Cuneiform nog twee cd's bij:
Smoke Signals en March.
Smoke Signals bestaat uit verschillende
live-opnamen. Ze zijn zo gemonteerd dat er een aardig beeld
ontstaat van een concert van de band zoals je dat had kunnen
horen in de begin jaren zeventig.
De bandleden zijn erg blij met de cd. Als een van hen nog
oude opnamen vindt vraagt hij aan Cuneiform of ze die ook
uit willen brengen. Dat gebeurt. In 2002 komt March uit, met
live-opnamen uit maart 1972.
Uit de nieuwe cd's blijkt duidelijk hoe de groep live
stukken steeds anders speelt of benadert. Misschien zijn ze
zelfs nog intenser dan de studio-opnamen.
Meest opmerkelijke in de korte geschiedenis van Matching
Mole is dat Robert Soft Machine 'verliet' om meer eenvoudige
muziek met zang te gaan maken en uiteindelijk in een erg
vrije en behoorlijk jazzy stijl terecht komt, waarbij de
stukken ook niet echt kort zijn en ook niet altijd plaats is
voor zang. Wellicht is dat ook de reden om ermee te stoppen?
Hoe dan ook, de muziek van Matching Mole is zonder meer
avontuurlijk en de moeite meer dan waard om gehoord te
worden.
Een impressie vind je onderaan deze pagina.
|

Phil, Dave, Robert, Bill |
|
|
About
On
the Radio (from Hux Records-site):
Robert Wyatt formed Matching Mole in
1972, shortly after he left Soft Machine
and just before launching his solo
career. Matching Mole bore some
similarities to his later work with Soft
Machine. In fact, Wyatt came up with the
name 'Matching Mole' as a subtle pun on
the French translation of 'Soft Machine'
- 'machine molle'.
Matching Mole released two great albums
in 1972, before Wyatt disbanded the
group and set out as a solo artist. But
it is this Hux compilation which Wyatt
now describes as the definitive Matching
Mole album.
'On The Radio' is a compilation of rare
BBC recordings, including 3 John Peel
studio sessions and a live concert. The
band includes Dave Sinclair (ex
Caravan) on tracks 2 & 5, Phil Miller (Hatfield & The
North and National Health), Bill
MacCormick and Dave MacRae
This special 'digi-pack' format features
an original cover photograph by Robert
Wyatt, who also compiled the running
order. The accompanying 12 page CD
booklet features extensive liner notes
by Matching Mole bassist, Bill
MacCormick, plus rare period photo's and
comprehensive recording details. |

|
|
|